De Kansen van Taal Ondersteunend Onderwijs
Subat 2003 : Gepubliceerd op www.TooN.nl (Enver Glbaşar & Tjerk Voigt)

In het vorige nummer van Toon (november/december 2002) wordt aandacht besteed aan de provinciale aanpak van onderwijsachterstanden in Friesland. Ook wordt aandacht besteed aan tweetaligheid op scholen in het kader van GOA. Maar er is k een ander bijzonder aspect in Friesland dat de aandacht verdient: de positie van tweetaligheid (Fries en Nederlands) en minderheidstalen in het kader van OALT-onderwijs. In dit artikel willen wij pleiten voor relatieve gelijkwaardigheid van minderheidstalen en een betere positie van het extra taalonderwijs aan allochtone kinderen in het basisonderwijs.

Onder gelijkwaardigheid verstaan wij dat kinderen naast het Nederlands en het Fries ook de kans krijgen om hun moedertaal te leren. Fries is voor veel kinderen in Leeuwarden gn moedertaal, terwijl deze taal vaak wel onderdeel uitmaakt van het reguliere lesprogramma. Enerzijds begrijpelijk, omdat Fries officieel tweede rijkstaal is en een belangrijk aspect is van de cultuur in Friesland. Aan de andere kant is het ook belangrijk om kinderen hun echte moedertaal te leren en daarvoor tijd vrij te maken in het lesprogramma. De vraag hierbij is of je kinderen drie talen tegelijk kunt laten leren (Nederlands + Fries + de moedertaal) of alleen het Nederlands plus de moedertaal (bijv. Fries, Marokkaans, Turks, etc.). Kinderen die het Nederlands als moedertaal hebben kunnen dan een tweede taal kiezen en daarmee kennismaken met een andere taal en cultuur. Gezien het strakke lesprogramma en het aantal schooluren zou onze voorkeur uitgaan naar de tweede optie. Mochten er op n school te weinig kinderen zitten die dezelfde taal willen leren, dan zal het taalonderwijs per wijk moeten worden aangeboden.

Taalonderwijs in de tweede- of moedertaal is nu in het basisonderwijs alleen bedoeld voor het bestrijden van een taalachterstand in het Nederlands. Het bestrijden van de taalachterstand gebeurt nu door middel van het OALT-project. Het OALT-project heeft al doel allochtone kinderen beter Nederlands te leren door in hun moedertaal extra taalonderwijs te bieden. OALT-leerkrachten bieden deze extra ondersteuning aan op basisscholen in Leeuwarden. Op dit moment wordt extra taalondersteuning in vier talen aangeboden: Marokkaans, Turks, Koerdies en Vietnamees.

Maar taalonderwijs biedt mr kansen. Echter alleen wanneer taalonderwijs een zelfstandige functie krijgt en niet afhankelijk wordt gemaakt van dit ene doel (namelijk, achterstandsbestrijding).

Volwaardig en zelfstandig taalonderwijs helpt kinderen zich sociaal en emotioneel beter te ontwikkelen. Bovendien wordt het besef van de eigen en Nederlandse cultuur vergroot, want volwaardig taalonderwijs betekent ook aandacht besteden aan de cultuur (cultuureducatie). Hier vervult bijvoorbeeld het Turks dezelfde functie voor kinderen met Turkse ouders als het Fries voor kinderen met Friese ouders. Kinderen kunnen zich daardoor beter `bewegen in hun sociale omgeving, mede omdat veel kinderen thuis nog in hun moedertaal worden opgevoed. Zonder cultuureducatie wordt het voor allochtone kinderen moeilijker om zich te integreren in de Nederlandse samenleving.

Het is wetenschappelijk bewezen dat het aanleren van de moedertaal de algehele taalvaardigheid bevorderd waardoor kinderen uiteindelijk ook het Nederlands beter gaan beheersen. Bovendien is het een recht van kinderen om leesonderwijs te krijgen dat past bij hun individuele behoeften; dus in de moedertaal.

Doordat kinderen een taal in zijn geheel leren, leveren de investeringen in het taalonderwijs uiteindelijk een grotere economische waarde op; kinderen kunnen later de taal gebruiken in hun werk. Vooral in de zorg- en sociale sector neemt behoefte aan mensen die talen van allochtonen spreken toe. Voorwaarde is dat de mogelijkheden om een extra taal (zoals het Turks en het Marokkaans) te leren in het middelbaar onderwijs ook benut worden door de leerlingen.

De bovenstaande ideen sluiten aan bij het laatste advies Onderwijsraad, namelijk het oprichten van een zogenaamde Taalschool. De gemeente Leeuwarden zou moeten nagaan of het oprichten van een Taalschool ook in Leeuwarden haalbaar is.

Enver Glbaşar, OALT-leraar
Tjerk Voigt